Leerlingzorg

Schoolondersteuningsprofiel

SBO Wending biedt algemene ondersteuning bij:

  • Leer- en concentratieproblemen.
  • Moeilijk of zeer moeilijk lerend niveau.
  • Taalontwikkelingsachterstand.
  • Lees-en spellingsproblematiek
  • Spraak- en taalproblemen en NT2
  • Rekenachterstand
  • Belemmeringen in het gedrag ten gevolge van een aandachttekort stoornis, een enkelvoudige gedragsstoornis, klassiek autisme (Asperger, PDD-NOS, MCDD)
  • Matige psychische problemen waaronder een hechtingsstoornis, angststoornis of depressiviteit.
  • Complexe thuissituatie.

Op SBO Wending wordt gewerkt met PBS (Positive Behavior Support). PBS kenmerkt zich in het stimuleren en activeren van positief gedrag. Het doel is dat de leerling een positief zelfbeeld krijgt. Het positieve gedrag wordt door de leerkracht beloond. PBS-mannethe Bink visualiseert alle voorkomende situaties: zelfstandig werken, luisteren naar instructie, buitenspelen, wat te doen bij een probleem,  toiletgebruik en gedrag op de gang. De rust in de gangen en in de klassen, structuur en overzichtelijke omgeving zorgen voor een prettige atmosfeer. Alle regels zijn gekoppeld aan de algemene waarden: respect, verantwoordelijkheid en veiligheid. Tijdens de les evalueert de leerkracht met de leerlingen deze waarden.

Er zijn problemen die ook de draagkracht van onze school te boven gaat. Leerlingen kunnen zorg en aandacht nodig hebben waarin wij (nog) niet kunnen voorzien. Deze leerlingen komen in aanmerking voor plaatsing binnen het Speciaal Onderwijs. Het gaat dan om leerlingen waarvan uit de beschikbare onderzoeksgegevens blijkt dat er sprake is van:

  • Ernstig visueel en/of auditief gehandicapte leerlingen
  • Ernstig lichamelijk en/of meervoudig gehandicapte leerlingen,
  • Langdurig zieke leerlingen •   Ernstige taal/spraakproblematiek,
  • Sociaal-emotioneel en cognitief functioneren op zeer moeilijk lerend niveau
  • Ernstige gedragsproblematiek en daardoor mogelijk een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling.

Het volledige schoolondersteuningsprofiel vindt u hier en uitgebreidere informatie is beschreven in de schoolgids (die hier te vinden is).

 

Intern Begeleiders

Omdat de leerlingen die op een SBO school instromen allemaal een specifieke hulpvraag en specifieke ondersteuningsbehoeften hebben  is de taak van de Intern Begeleider op SBO Wending anders ingevuld dan op de meeste reguliere basisscholen. Het is niet mogelijk voor een Intern Begeleider om de volledige verantwoordelijkheid voor de zorg van alle leerlingen te dragen. Daarom wordt er op SBO Wending gewerkt in teamverband. De intern begeleider is onderdeel van het zorgteam dat bestaat uit directie, intern begeleider en specialisten zoals de psychologe. Het zorgteam staat vooral in dienst van de leerkrachten en haar ondersteuners en geeft vorm aan de verschillende manieren van zorg voor de leerlingen. Op deze manier worden onderwijs en zorg optimaal op elkaar afgestemd.
Naast de leerlingenzorg heeft de intern begeleider, samen met het zorgteam, nog een belangrijke taak. De intern begeleider neemt deel aan de zo genaamde Ondersteuning Teams (OT) op de reguliere basisscholen. In deze overleggen kan de intern begeleider vanuit het SBO een ondersteunende of adviserende rol hebben voor de basisschool maar ook de overstap naar het SBO verkennen met een team van specialisten en ouders.

De intern begeleiders op SBO Wending zijn mevrouw Anouschka de Jong (woe-do) en mevrouw Kirsten Houweling (ma-di-woe). Zij zijn bereikbaar via ib@sbo-wending.nl.

Toetsen, leerlingvolgsysteem, groepsplan en ontwikkelingsperspectief.

Twee keer per schooljaar (in de maanden januari en juni) vindt het GSO (gemeenschappelijk school onderzoek) plaats. De toetsen die op SBO Wending gebruikt worden zijn ontwikkeld door CITO. Op Wending worden de toetsen voor speciale leerlingen afgenomen. Deze toetsen zijn niet aangepast qua inhoud of niveau maar er zijn wijzigingen aangebracht in de lay-out en de leerstof categorieën worden in clusters aangeboden.

De kinderen worden getoetst in de vakken woord lezen (DMT), tekst lezen(AVI), spelling, rekenen, tempo rekenen, begrijpend lezen (vanaf groep 5 alleen in januari) en woordenschat. De toetsen worden afgenomen op de leeftijd van het kind en op basis van de jaargroep waarin zij zitten. Op deze manier krijgen we een objectief beeld van de didactische vooruitgang van de kinderen.  De toetsuitslag is één van de bronnen voor het leerlingvolgsysteem.

In het leerlingvolgsysteem worden de toets uitslagen van de CITO- en methode toetsten genoteerd. Ook staan hier observaties van de leerkracht en andere betrokkenen in genoteerd.
Deze gegevens vormen de basis voor de groepsplannen, waarin de individuele behoeften van de leerlingen op het gebied van leerstof en instructie staan beschreven en waar mogelijk geclusterd worden om de instructie optimaal te laten aansluiten bij het niveau van de leerlingen. Daarnaast wordt er voor een enkele leerling een individueel handelingsplan opgesteld als er sprake is van een eigen ontwikkelingslijn. De groepsplannen worden regelmatig bijgesteld en besproken met de intern begeleiders.

Iedere leerling heeft naast de groepsplannen een eigen ontwikkelingsperspectief (OPP).  Dit document beschrijft de individuele onderwijsbehoeften van de leerling en hierin staan ook de individuele vorderingen en doelstellingen voor de leerling genoteerd. Dit document wordt twee maal per jaar aan ouders voorgelegd en doorgesproken zodat alle betrokken partijen op de hoogte zijn van de ontwikkeling van de leerling.