Autisme

Autisme

Op SBO Wending hebben wij een klassenindeling gebaseerd op jaargroepen. In schooljaar 2017-2018 bestaat onze school uit een kleutergroep, groep 3, groep 4, groep 5, twee groepen 6, groep 6/7, een groep 7 en een groep 8. Onze leerlingen hebben over het algemeen een aanpak nodig die gericht is op voorspelbaarheid, duidelijkheid en structuur. Deze aanpak is terug te zien in alle groepen.

Er zijn twee groepen 6 en een groep 6/7 dit schooljaar. Bij de indeling van deze groepen is gekeken naar de onderwijsbehoefte en zorgbehoefte van elke leerling.
In groep 6/7 zitten met name leerlingen die een ASS (Autisme Spectrum Stoornis) of aanverwante diagnose hebben. In deze klas zult u regelmatig stappenplannen, social scripts (verhalen over ‘hoe het hoort’ op sociaal gebied) en pictogrammen aantreffen op individuele tafeltjes. Deze dienen om meer inzicht te verschaffen in leersituaties en/of sociale situaties.
In groep 6A zitten vooral leerlingen die een grote mate aan voorspelbaarheid, visualisatie en concreet taalgebruik nodig hebben. Deze manier van werken leidt tot betere leerprestaties en meer inzicht op sociaal gebied.  Aangezien leerlingen met deze behoeften goed reageren op stappenplannen, social scripts (verhalen over ‘hoe het hoort’ op sociaal gebied) en pictogrammen zult u deze ook in groep 6A aantreffen.
In groep 6B zitten leerlingen die het best tot leren komen in een sterk gestructureerde leeromgeving. De leerkrachten begeleiden de leerlingen intensief om het gewenste gedrag op school te laten zien door regels en grenzen te stellen. De PBS aanpak is hier ook zeer geschikt voor.

Ook in alle andere groepen is de basis van ons onderwijs gericht op voorspelbaarheid, structuur en duidelijkheid. Wij hebben dan ook in alle groepen plek voor kinderen met een ASS of aanverwante diagnose en kinderen die een grote structuurbehoefte hebben. Anouschka de Jong, onze autismespecialist heeft één dag per week ruimte om collega’s, groepjes leerlingen of individuele leerlingen (in samenwerking met ouders) te coachen en ondersteunen. Zij volgt daarnaast de meest recente ontwikkelingen op het gebied van autisme en deelt haar kennis met het team.

Kinderen met ASS (Autisme Spectrum Stoornis) hebben andere onderwijsbehoeften om te kunnen groeien. De grootste hulpvraag is ‘help mij samenhang te ontdekken’. Vanwege het fragmentarische denken hebben de autistische leerlingen hier sterk behoefte aan. De aanpak in de klassen is gebaseerd op de TEACCH-methode, waarbij visualisering en voorspelbaarheid centraal staan. Dit doe je op basis van vijf puzzelstukjes: hoe, waar, wanneer, wat en wie.

verduidelijking op sociaal-emotioneel gebied
PBS biedt concrete handvatten om de sociale regels op school te verduidelijken. Dit is echter niet genoeg. In de klas wordt daarom extra uitleg gegeven over het voor autistische kinderen ingewikkeld sociale netwerk. Sociale regels en afspraken worden verduidelijkt aangezien ze niet vanzelfsprekend aanvoelen hoe ‘het hoort’. Gesprekskaarten worden tevens ingezet om ‘sociale situaties’ te kunnen nabespreken. Middels deze gesprekskaart wordt zowel het waar, wanneer, wie, wat en hoe duidelijk.

structuur/samenhang in ruimte
Het lokaal is overzichtelijk en geordend. De verschillende ‘plekken’ in een lokaal worden duidelijk aangegeven: de leeshoek, de computerplek, de rustige werkplekken. Het leerling-materiaal wordt daarnaast ook duidelijk aangegeven. De klassenafspraken en PBS/schoolafspraken zijn daarnaast ook goed zichtbaar (waar).

structuur/samenhang in tijd
Voorspelbaarheid biedt veiligheid en vermindert angst. Elke ochtend wordt het dagprogramma doorgenomen en verduidelijkt. Mocht er een wijziging zijn in het rooster, wordt dit aangekondigd en uitgelegd. De tijd wordt altijd gevisualiseerd door de klassikale time-timer en eventueel individuele time-timers (wanneer).

houvast in vrije situaties
alle ‘vrije momenten’ worden zoveel mogelijk gestructureerd. Zo wordt voor elke pauze een speelplan gemaakt, indien nodig middels het pleinbord. Op dit bord heeft elke leerling een eigen naamkaartje die hij/zij bij een bepaalde activiteit kan zetten (wat). Daarnaast zijn de foto’s van de betreffende pleinwachten op het pleinbord te zien (wie). Activiteiten zoals de kerstviering, sportdag, het schoolreisje worden gevisualiseerd en ruim van te voren met de leerlingen besproken.

concreet taalgebruik:
figuurlijk taalgebruik wordt uitgelegd, termen als ‘straks’ en ‘later’ worden zoveel mogelijk vermeden omdat deze niet concreet genoeg zijn.

overige inzet:
gebruik van koptelefoons, picto’s (zowel klassikaal als individueel), stappenplannen, na elke pauze/gymles even tijd om tot rust te komen